Geschiedenis van de chiropractie

                    In 1995 bestond chiropractie 100 jaar. In die 100 jaar heeft zich een ware evolutie afgespeeld.
                    Wereldwijd zijn er nu meer dan 60.000 beoefenaren en daarmee is chiropractie, 
                     na allopathie en de tandheelkunde, de derde geneeswijze.

                    Door de opkomst van andere disciplines die ogenschijnlijk hetzelfde te bieden hebben zijn er 
                    de laatste jaren verschillende effectiviteits studies gedaan.
                    Hieruit blijkt ook weer dat het hier niet om een eendagsvlieg gaat maar een serieuze beroepsgroep 
                    die zichzelf niet als alternatief ziet, maar supplementair aan het reguliere veld.

                    Eigenlijk is chiropractie al veel ouder dan 100 jaar. Soortgelijke behandelvormen werden al 
                    door onze oude geneesheren gebruikt.
                    Toen was al bekend dat er een relatie was tussen het functioneren van de wervelkolom en gezondheid.

                    Hippocrates is de vader van de geneeskunde en als eerste heeft hij de waarde van het goed 
                    functioneren van de wervelkolom beschreven.
                    Hij zag al een relatie tussen het functioneren van de wervelkolom en het functioneren 
                    van de rest van het lichaam.

                    Galenus beschreef veel later het belang van een goed werkende wervelkolom en gezondheid.

                    In het Amerikaanse Davenport, probeerde                              
                    Dr. D.D. Palmer in 1895 zijn dove 
                    bediende het gehoor terug te geven.
                    De man was 18 jaar daarvoor bij een                                       
                    ongeluk betrokken geweest en 
                    voelde iets kraken in zijn rug. 
                    Kort na het ongeluk werd hij bijna
                    geheel doof.
                    Palmer onderzocht de wervelkolom en  vond een wervel die verschoven bleek. 
                    
                    Hij plaatste de man op een tafel, zette zijn handen op de wervelkolom en gaf een korte snelle 
                    duw en hoorde een zachte "klik". Na 18 jaar doof te zijn geweest kon de man weer horen!

                    Palmer dacht het middel tegen doofheid gevonden te hebben. Vele dove patiënten stelden 
                    zich onder zijn behandeling - echter zonder resultaat.
                    Wat hij wel vond was bepaalde relaties tussen klachten en probleem gebieden in de wervelkolom.

                    Zijn zoon, B.J. Palmer, zette zijn werk voort op een academisch niveau, deed veel wetenschappelijk 
                    onderzoek en richtte de eerste chiropractische hogeschool op in Amerika.

                    In de meer dan 100 jaar van zijn bestaan is de wetenschap van de chiropractie steeds verder 
                    ontwikkeld en zijn eerder behandeltechnieken ontstaan.

                    Heden ten dage is chiropractie, na medicijnen en tandheelkunde, de meest verbreide vorm van 
                    geneeskunde in de wereld.
                    Het zijn met name de dokters in de chiropractie, die gespecialiseerd zijn in het diagnostiseren 
                    en behandelen van afwijkingen in wervelkolom en gewrichten en daarmee gepaard gaande 
                    storingen in het zenuwstelsel.

                    Chiropractie draagt in zich de kenmerken van zowel de medische- als van de natuurgeneeswijzen. 
                    Belangrijk is hierbij de holistische benadering van het klachtenbeeld, namelijk dat het gehele 
                    functioneren van het lichaam betrokken wordt bij het onderzoek, de diagnose en de behandeling.

                    Zoals gezegd stelt de chiropractie, dat een storing in het zenuwstelsel het lichaam het vermogen 
                    ontneemt zichzelf gezond te houden.
                    Hierdoor neemt de weerstand af en krijgt een ziekteproces de kans zich te onwikkelen. 
                    Storingen in het zenuwstelsel kunnen ontstaan door negatieve lichamelijke of geestelijke 
                    factoren, vanuit het lichaam zelf of van buitenaf.